🧠 Grammatica: scheidbare werkwoorden + tijden

Scheidbare werkwoorden

Do you want to learn more about how to use separable verbs (scheidbare werkwoorden) in Dutch? Verbs like: schoonmaken, inpakken, afwassen, etc. For example:

  1. Ik maak mijn huis schoon. (I am cleaning my house.)
  2. Hans pakt zijn koffer in. (Hans is packing his suitcase.)
  3. We wassen de borden af. (We're washing the plates.)

Then watch this video:



TIJDEN

In les vijf hebben we gekeken naar:

  1. wat je kan hebben gedaan in het afgelopen weekend (de verleden tijd)
  2. en naar wat je wilt doen het aankomende weekend (de toekomst)

Als je meer wilt leren over hoe je zegt wat je HEBT GEDAAN en wat je GAAT DOEN, dan kan je deze video's hieronder kijken.


1. VERLEDEN TIJD: WANNEER GEBRUIK JE HET IMPERFECTUM EN HET PERFECTUM?

2. TOEKOMST: HOE ZEG JE WAT JE GAAT DOEN?




Wil je meer oefenen met deze onderwerpen?

Dat kan in de A2 - Dutch for intermediates cursus!

Complete and Continue